JCWeetje

Historische JCWeetjesWist-Je-DatjesRuimtekidsTechniek & WetenschapCultuurkriebelsKiddoeVariaarchief

Waarom de Gentenaars stroppen dragen

Wie van Aalst komt, krijgt doorgaans meteen de bijnaam ‘Ajuin’ naar zijn hoofd geslingerd. Brusselaars worden dan weer ‘Kiekenfretters’ genoemd, terwijl Bruggelingen ‘Brugse Zotten’ zijn. Achter iedere bijnaam voor een stad schuilt een verhaal dat vaak ver teruggaat in de tijd. Dat is niet anders voor de Gentenaars, die ‘Stroppendragers’ worden genoemd. Deze bijnaam hebben ze te danken aan de legendarische keizer Karel. 

Keizer Karel werd in 1500 geboren in Gent en erfde van zijn voorouders een enorm rijk. Hij regeerde over zoveel landen dat er gezegd werd dat “de zon nooit onderging in zijn rijk”. Ook het huidige België maakte op dat moment deel uit van het immense rijk van keizer Karel, en net als alle andere deelstaten moest het belastingen betalen. Daar was niet iedereen het altijd over eens. Zo groeide in 1537 het ongenoegen in Gent nadat er een dure oorlogsbelasting moest betaald worden om de verovering van Italië te financieren. Uit protest verscheurden de Gentenaars het Gentse Calfvel, een officieel document van keizer Karel dat de stad Gent heel veel vrijheid afnam. Volgens sommige bronnen zou het document in stukken zijn gescheurd en vervolgens naar de toegestroomde massa zijn geworpen, waarop de Gentenaars het document in nog kleinere stukjes scheurden en zelfs opaten opdat er niets meer zou van overblijven. Deze revolte staat ook wel bekend als de Gentse Opstand.
De Gentenaars hadden zich hiermee schuldig gemaakt aan majesteitsschennis. Ze hoopten dat ze ervan af zouden komen met een boete, maar Karel nam de zaak serieus. Hij zakte hoogstpersoonlijk naar Gent af en liet de 25 voornaamste kopstukken van de Opstand ter dood veroordelen. Bij wijze van waarschuwing liet Karel daarnaast ook 50 Gentse edellieden op blote voeten en met een strop rond de nek door de stad lopen. Het was bedoeld als waarschuwing: wie in de toekomst nog eens zoiets probeerde, zou ook opgehangen worden. 
 
Sindsdien worden de inwoners van Gent ‘Stroppendragers’ genoemd. De strop staat nu symbool voor de fiere weerstand van de Gentenaars tegen elke vorm van tirannie. De boetetocht van de 50 edellieden wordt tot op de dag van vandaag nog herdacht met de Stroppenommegang: ieder jaar wordt de historische optocht tijdens de Gentse feesten herdaan, uiteraard met een strop rond de hals. Keizer Karel wordt daarbij nog steeds uitgejouwd, terwijl de Stroppen applaus krijgen van de toeschouwers.

door Michael Delbeke